Al 20 jaar helpt de pedagogische gezinsbegeleiding (PGJ) ouders die even vastlopen in de opvoeding. 

Gezinsbegeleider Sabrina van Huisstede en werkbegeleider team PGJ Imre Sonneveld vertellen hoe zij gezinnen ondersteunen en waarom hun werk zo belangrijk is.

Opvoeden gaat met vallen en opstaan

Iedere ouder kent momenten waarop het even niet soepel loopt. Soms is het moeilijk om te weten wat een kind nodig heeft of hoe je op bepaald gedrag moet reageren. De pedagogische gezinsbegeleiding biedt een helpende hand. Deze hulp is altijd kortdurend, laagdrempelig en bij het gezin thuis. Daardoor sluit het goed aan bij de dagelijkse realiteit van een gezin.

We komen achter de voordeur, zien wat er gebeurt en geven adviezen die passen bij dit gezin. Het zijn vaak kleine interventies, maar ze maken groot verschil, vertelt Imre.

Kijken naar wat er echt speelt

De begeleiding bestaat uit maximaal 10 contactmomenten in een periode van ongeveer een half jaar. In die tijd leren ouders welke aanpak voor hen werkt. Samen oefenen ze met nieuw gedrag of andere routines. Het doel is dat ouders na het traject weer zelfstandig en met vertrouwen verder kunnen.

Wat deze aanpak bijzonder maakt, is dat gezinsbegeleiders niet op de oppervlakte blijven. Ze kijken juist naar de kern van de hulpvraag. Sabrina legt uit: Gedrag staat nooit op zichzelf. Wanneer je begrijpt waar het vandaan komt, kun je het ook veranderen. Dan gaat het niet alleen om een driftbui, maar om wat er onder zit: welke omstandigheden spelen mee bij het gedrag?

Een ouder bevestigt dat: De manier waarop we met onze slimme en gevoelige dochter omgingen kostte veel energie. De gesprekken met Sabrina hielpen ons begrijpen waarom dit zo was. We kregen praktische tips en kijken nu beter naar het gedrag van onze dochter én naar dat van onszelf. Dat geeft rust en vertrouwen. De begeleiding was voor ons alle 3 heel waardevol.

Als opvoeden vastloopt

Veel ouders wachten lang voordat ze hulp zoeken. Ze hopen dat het vanzelf overgaat of denken dat het gedrag ligt aan bijvoorbeeld drukte of een nieuwe fase. De situatie belemmert het dagelijkse leven. Denk aan slaapgebrek, conflicten of stress. Op het moment dat de spanning vaak al hoog is, melden zij zich aan. Sabrina herkent dat patroon: Ouders hebben al van alles geprobeerd. Ze zitten soms met de handen in het haar. Maar juist dan zie je hoe snel kleine interventies effect hebben.

Dat zag ook een andere ouder in haar eigen gezin gebeuren: Dankzij de begeleiding begrijpen we beter wat onze dochter nodig heeft. Ze durft meer, speelt weer met buurtkinderen en we zijn als gezin dichter naar elkaar toegegroeid. De handvatten die we kregen hangen nog steeds in de keukenkast. Ik ben ontzettend trots op haar.

Kijken door de ogen van ouder en kind

Zo werd een gezin met een onrustige baby binnen 2 weken geholpen naar meer rust. En ouders van een driftige kleuter leerden welke rol hun eigen verwachtingen speelde. De moeder vond het bijvoorbeeld belangrijk dat het meisje elke dag naar buiten gaat voor frisse lucht. Een kind van 4 denkt niet zo. Zij leeft in het nu. Als een kind fijn aan het spelen is, wil het gewoon verder spelen. Dan is het idee om naar buiten te moeten heel groot en heel vervelend. In zo’n situatie kun je kijken hoe je het concreet en aantrekkelijk maakt: kastanjes zoeken, door blaadjes fietsen, kijken of er vogels zijn.

En dat werkte. De driftbuien van het meisje namen sterk af. Als je begrijpt hoe het kinderbrein werkt, zie je gedrag in een ander licht. Dan kun je als ouder veel makkelijker meebewegen. Dat geeft rust voor iedereen, vult Imre aan.

20 jaar verandering

In de afgelopen 20 jaar zagen Sabrina en Imre het opvoedlandschap veranderen. Waar ouders vroeger vooral vertrouwden op hun eigen gevoel of op de ervaring van familie, zoeken ze nu massaal informatie online. Dat lijkt helpend, maar het tegendeel is vaak waar.

Sabrina ziet dat ouders steeds meer druk voelen om het ‘goed’ te doen en voortdurend worden geconfronteerd met adviezen en meningen van buitenaf. Je vindt honderd verschillende manieren om iets te doen. Iedereen heeft een mening. Dat maakt ouders onzeker.

Ieder kind ontwikkelt zich in zijn eigen tempo en op zijn eigen manier. Dat maakt normaliseren een groot onderdeel van het werk. Gezinsbegeleiders helpen ouders herkennen wat passend is bij de leeftijd van hun kind, wat normaal is en waar zorgen wél terecht zijn.

Voorkomen dat problemen groter worden

Doordat gezinsbegeleiders meekijken naar wat er achter het gedrag zit, voorkomen ze vaak dat gezinnen doorverwezen worden naar zwaardere, geïndiceerde jeugdhulp. Soms blijkt druk gedrag geen ADHD, maar het gevolg van een hectische thuissituatie, veel wisselingen in woonplekken of stress in het gezin. Imre: Het is heel waardevol om te voorkomen dat een kind een label krijgt dat niet nodig is. Dat scheelt niet alleen zorg, maar ook zorgen.

Altijd verbonden met Jeugdgezondheid

De pedagogische gezinsbegeleiding werkt nauw samen met de teams van Jeugdgezondheid (JGZ). Bij elke aanmelding is er contact tussen de gezinsbegeleider en de jeugdverpleegkundige of jeugdarts. De afspraken en adviezen worden bewaard in het kinddossier. Sabrina: Wij sluiten af, maar ouders staan nooit alleen. De jeugdverpleegkundige blijft altijd beschikbaar voor nieuwe vragen.

Waarom het al 20 jaar werkt

Met inzichten en kleine, praktische stappen helpen Sabrina en Imre samen met hun team gezinnen vooruit. Ze brengen rust en vertrouwen terug. En dat maakt dat gezinnen problemen vaak zelf weer kunnen oplossen in het moment en in de toekomst.

De pedagogische gezinsbegeleiding bestaat 20 jaar, maar nog altijd wordt het in de gemeenten als project ingekocht. Daarom is het soms lastig om zichtbaar te zijn: bekendheid zorgt voor meer aanmeldingen, maar de ruimte is beperkt.

20 jaar pedagogische gezinsbegeleiding betekent 20 jaar verschil maken, achter veel voordeuren in Twente.