Je kunt deze folder over Infectie met groep- A-Streptokok (GAS) hier ook als pdf downloaden.

Wat is een infectie met Groep-A-streptokok?

De Groep-A-Streptokok is een bacterie. Het wordt ook wel GAS genoemd. Mensen kunnen verschillende infecties door de bacterie krijgen. De meeste zijn niet ernstig. Iedereen heeft in zijn leven wel eens een infectie door deze bacterie gehad, bijvoorbeeld Krentenbaard of Roodvonk.

Soms kunnen mensen in korte tijd ernstig ziek worden door deze bacterie. Dit worden invasieve GAS-infecties genoemd. Dit artikel gaat over de invasieve GAS infectie.

Wat zijn de klachten bij een invasieve GAS infectie?

De bacterie kan verschillende infecties en klachten geven:

  • infectie van de huid. Dit wordt ook wel wondroos of de ‘vleesetende bacterie’ genoemd. Soms raken ook spieren, gewrichten of botten beschadigd.
  • infectie van nieren, hartkleppen of hersenvliezen
  • infectie van de baarmoeder (kraamvrouwenkoorts na een bevalling)

Mensen voelen zich erg ziek. Ze hebben vaak hoge koorts en rillen erg. Ze hebben spierpijn, zijn suf of verward.

Hoe kun je een infectie met GAS krijgen?

De bacterie zit vooral in de neus, de keel en op de huid. Veel mensen dragen de bacterie tijdelijk bij zich zonder dat zij zelf ziek worden. Door hoesten, niezen en praten komen kleine druppeltjes met de bacterie in de lucht. Mensen kunnen deze druppeltjes inademen en zo besmet raken. Ook via handen of via voorwerpen waar de bacterie op zit, kan iemand besmet raken.

Iemand is besmettelijk zolang de infectie nog niet over is. Krijgt iemand antibiotica? Dan is hij nog besmettelijk tot 24 uur nadat hij is begonnen met deze medicijnen.

Wie kan een infectie met GAS krijgen?

Iedereen kan besmet raken door de bacterie, maar niet iedereen wordt er ziek van. Sommige mensen lopen meer kans om besmet te raken: Gezinsleden van iemand die erg ziek is van de infectie, kinderen, kraamvrouwen en mensen ouder dan 65 jaar. Bij mensen met een slechte gezondheid en minder weerstand is de kans om ernstiger ziek te worden groter.

Wat kun je doen om besmetting met GAS te voorkomen?

Het is moeilijk om te voorkomen dat iemand besmet raakt. Het is belangrijk om op het volgende te letten:

  • Heb je een wond die je moet verzorgen? Werk dan schoon en precies.
  • Netjes hoesten en niezen kan helpen om besmetting te voorkomen: Het beste is om een papieren zakdoek te gebruiken. Heb je geen papieren zakdoek bij de hand? Hoest dan in de plooi van de elleboog. Gooi de zakdoek weg nadat je het gebruikt hebt.
    Leer kinderen ook netjes te hoesten en te niezen.
  • Was regelmatig je handen de handen met water en zeep, zeker na een flinke hoest- en niesbui.
  • Heeft iemand in het gezin een ernstige infectie met GAS? Dan is het soms nodig om medicijnen te geven aan de anderen in het gezin. De medicijnen helpen de ziekte te voorkomen bij anderen. De GGD bekijkt samen met de arts of dit nodig is.

'Nauw contact'

Soms moeten mensen extra letten op klachten. Dit is nodig als zij nauw contact hadden met iemand met een ernstige GAS infectie. Wat is 'nauw contact'?

Dit zijn mensen die langere tijd in dezelfde ruimte als de zieke zijn geweest. Dit betekent meer dan 4 uur per dag of meer dan 20 uur per week Het gaat om de week voordat iemand ziek is geworden.

Alleen als het gaat om een ernstige infectie, moeten nauwe contacten 1 maand lang letten op klachten. Deze klachten kunnen zijn: koorts, keelpijn, verkoudheid en/of hoesten. Krijgt een nauw contact klachten? Overleg dan met de huisarts.

Is een infectie met GAS te behandelen?

De infectie is meestal goed te behandelen met medicijnen. Iemand met een ernstige invasieve GAS-infectie wordt vaak opgenomen in het ziekenhuis. Soms overlijden mensen aan zo’n ernstige GAS infectie.

Kan iemand met een infectie met GAS naar kindercentrum, school of werk?

Heeft iemand een ernstige infectie met GAS? Dan is hij te ziek om naar een kinderdagverblijf, peuterspeelzaal, school of werk te gaan.

Heeft een kind een ernstige infectie met GAS? Vertel het dan aan de leidster of de leerkracht. Zij kunnen dan in overleg met de GGD andere ouders informeren. Deze kunnen dan letten op de klachten van GAS bij hun kind.

Heb je nog vragen?

Bel dan met het team Infectieziekten GGD Twente.