23 mei 2022
Op 20 mei zijn in Nederland de eerste besmettingen met apenpokken (monkeypox) vastgesteld.

Wat is apenpokken?

Mensen krijgen apenpokken door een virus. Het is een virus dat knaagdieren bij zich kunnen dragen. Besmette dieren kunnen mensen besmetten. Iemand die besmet is met het apenpokkenvirus kan andere mensen besmetten.

Welke klachten horen bij apenpokken?

Het begint vaak met:

  • Koorts
  • Hoofdpijn
  • Spierpijn
  • Gezwollen lymfeklieren
  • Rillingen
  • Moe zijn

Na 1-3 dagen krijg je een uitslag die meestal in het gezicht begint en die daarna over het hele lichaam verschijnt. Deze uitslag begint met vlekken die overgaan in blaasjes. Na het indrogen van de blaasjes blijven korsten over die na 2-3 weken van de huid vallen. De tijd tussen besmet raken en ziek worden is bij apenpokken is 5 tot 21 dagen.

Hoe kun je besmet raken met apenpokken?

Je kunt besmet raken door contact met iemand met apenpokken. Bijvoorbeeld door:

  • Zoenen of seksueel contact
  • Contact met vocht uit de blaasjes
  • Het virus kan zich ook verspreiden via druppels uit de keel. Maar niet via zwevende druppeltjes in de lucht.

Wanneer bel je met de huisarts, team Infectieziekten of de poli Seksuele Gezondheid van de GGD?

  • Als je blaasjes op je lichaam hebt. Zeker als deze blaasjes begonnen rond je anus, je geslachtsdeel of in het gezicht. 
  • Als je de afgelopen 3 weken contact had met iemand met apenpokken.
  • Bel altijd eerst met de huisarts of de GGD. Ga er niet zonder bellen naartoe.

Kleine kinderen met blaasjes hebben bijna altijd waterpokken. Je hoeft voor kleine kinderen geen contact op te nemen met je huisarts. Neem wel contact op als je de afgelopen 3 weken in Centraal- of West-Afrika bent geweest. Of als je de afgelopen 3 weken contact had met iemand met apenpokken.

Contact met het team Infectieziekten
Contact met de poli Seksuele Gezondheid

De rol van de GGD

De GGD ontvangt van artsen of laboratoria een melding van een besmetting met het virus. Daarna informeert de GGD het RIVM en start de GGD met bron- en contactonderzoek. 

Het RIVM en het ministerie van VWS bepalen richtlijnen voor eventuele maatregelen als quarantaine, isolatie, testen en vaccineren. Hier wordt op dit moment aan gewerkt.

Meer informatie