Ilse is deskundige infectiepreventie bij GGD Twente. Van 24 juli tot 15 augustus was ze in Suriname.

portret van IlseZe maakte ze als vrijwilliger deel uit van het Nederlandse COVID-team. In haar vakantieperiode ondersteunde ze de zorgmedewerkers in Paramaribo.

 

23 juli 2020. Handen wassen. Wereldwijd.

Blij van nieuwe ervaringen en een bijdrage aan een betere samenleving.

Ik ben Ilse. Tukker met hart en ziel. Een echte ‘plant lady’, eet elke dag een krentenbol, luister graag naar Supertramp, speel saxofoon en Afrika heeft mijn hart veroverd. Ik word blij van nieuwe ervaringen en draag graag bij aan een betere samenleving. En laten deze twee dingen nu nét centraal staan in mijn werk bij de GGD.

Bij de GGD kennen mensen mij vooral als ‘dipper’, maar eigenlijk ben ik deskundige infectiepreventie (DIP). Een deskundige infectiepreventie weet alles over het voorkómen van infectieziekten. Dat klinkt misschien heel ingewikkeld en dat is het soms ook. Maar als ik je vertel dat alles begint en eindigt met handen wassen, dan valt het wel mee. De afgelopen tijd veranderde mijn werk enorm. Nu zou ik mezelf eerder voorstellen als deskundige coronapreventie. En nog steeds is handen wassen belangrijk. Het mooie aan infectiepreventie is dat je het overal kunt doen. Op kantoor, thuis en op school. Maar ook in een restaurant, een hotel of bij de sportclub. Net als handen wassen.

Suriname

Ongeveer een maand geleden vroeg Suriname Nederland om hulp bij de bestrijding van het coronavirus. Tot voor kort leek het coronavirus Suriname te ontzien, maar na de verkiezingen in mei nam het aantal besmettingen toe. Ik las een oproep om als deskundige infectiepreventie aan de slag te gaan in de ziekenhuizen en quarantainehotels in Paramaribo. Het afgelopen half jaar hebben we zoveel geleerd over het coronavirus, waarom zouden we dat niet delen met een ander land? Daarom vertrek ik op 24 juli een aantal weken naar Suriname en sluit ik mij aan bij het Nederlandse COVID-team.

Goaj met?

 

28 juli 2020. Een warm welkom

Een warm welkom voor Ilse in Suriname. Haar eerste dagen in het tropische land zitten erop. 

Wat een warm welkom! En zeker ook in letterlijke zin; het is warm, plakkerig, vochtig en alle ongemakken die bij tropische temperaturen komen kijken, komen voorbij. Het is een vreemde ervaring dat mensen in deze omgeving gewoon Nederlands spreken. Want vóór 1975 was elke Surinamer een Nederlander. Dit zegt direct veel over de bijzondere relatie die Nederland met Suriname heeft. Al meer dan 300 jaar. Het land bestaat voor het grootste deel uit tropisch regenwoud en heeft ongeveer 600.000 inwoners. De meeste mensen wonen in de hoofdstad Paramaribo en in de districten Wanica en Nickerie. Dit zijn gelijk ook de gebieden waar het Nederlandse COVID-team de grootste bijdrage levert aan het verbeteren van de COVID-zorg. 

In het eerste weekend staat de kennismaking met collega’s centraal. En dat is een hele groep. Het Nederlandse team is eigenlijk een estafette van collega’s die elkaar afwisselen. In deze estafette lopen artsen, intensive care verpleegkundigen, onderzoekers, medewerkers infectiepreventie en laboratorium medewerkers mee. Ik hoor bij de vierde groep. Het Nederlandse team werkt samen met alle artsen en verpleegkundigen van Suriname. Er zijn ook collega’s uit Cuba, die geen Nederlands spreken. Wel Spaans. Maar dat spreken de Nederlandse collega’s dan weer niet. Met een beetje Engels komen we toch wel heel ver.

Zoals ik al eerder zei: infectiepreventie kun je overal doen. Waar begin je dan? Met het trainen van mensen die in aanraking komen met patiënten die corona hebben. Deze mensen mogen namelijk niet besmet raken en moeten blijven werken zodat de zorginstellingen hun werk kunnen blijven doen.

Ilse met drie nieuwe, tijdelijke collega's op het plein voor het vliegveld. Alle vier met mondkapje.

 

31 juli 2020. Aan het werk

Een kijkje in de werkzaamheden van Ilse in Suriname. 

Paramaribo is onze uitvalsbasis, hier wonen de meeste mensen en zijn dus de meeste zorginstellingen bij elkaar. Zoals ik in mijn vorige blog al zei, beginnen we altijd met infectiepreventie in de zorg. Zorgmedewerkers zijn heel erg belangrijk en zij mogen dus niet besmet raken met Covid-19. Door samen te werken met Surinaamse professionals, weten we goed de weg te vinden en de juiste zorgmedewerkers te bereiken.

Wat ik de afgelopen dagen zoal heb gedaan?

Ilse in gesprek met haar collega. Die zit aan haar bureau. Beiden hebben mondkapjes op.

In gesprek met een Surinaamse deskundige infectiepreventie over de landelijke Covid-protocollen.

Ilse in gesprek met 2 collega's aan een vergadertafel. Op de achtergrond in de vergaderzaal vlaggen en op de wand grote logo's van de P.A.H.O. en de W.H.O.

In gesprek met de PAHO/WHO (Pan American Health Organization/World Health Organization) over het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen. Bij Covid-19 zijn dat mondneusmaskers, beschermjassen met lange mouwen, handschoenen en een spatbril. We willen hier instructiefilmpjes over maken voor alle zorgmedewerkers.

We vertrekken voor twee dagen naar Nickerie. Nickerie ligt in het westen van Suriname, aan de grens met Guyana.

Ilse achter het stuur van een auto. Het stuur zit rechts.

Links rijden in een jeep naar Nickerie. Best wel spannend!

Na twee bewogen dagen zijn we terug in Paramaribo. Hier overnachten we in hotel Torarica. Er wordt goed voor ons gezorgd.

Op de voorgrond een tafelblad met een schrijfblok en een kokosnoot met een rietje erin. Op de achtergrond een zwembad en palmbomen.

Na het werk ben ik de aantekeningen aan het verwerken aan het zwembad. En ja, je ziet het goed: ik drink uit een kokosnoot.

 

4 augustus 2020. In KKF-isolatie

Isolatie in Suriname: hoe werkt dat? 

Om een virus in te dammen is het belangrijk (mogelijk) besmette personen vroeg op te sporen, te testen en bij aanwezigheid van het virus te isoleren. Isolatie betekent afzondering. Je plaatst een persoon met het coronavirus als het ware op een eilandje. Daardoor vormt hij geen besmettingsrisico meer voor anderen. Wanneer iemand in Nederland besmet is met het coronavirus, moet diegene in thuisisolatie. De persoon die besmet is zondert zich af van de samenleving door thuis te blijven en zoveel mogelijk afstand te houden van andere huisgenoten.

KKF

In Suriname wonen veel familieleden bij elkaar, daarom is het lastig om de maatregelen van de thuisisolatie na te leven. In Paramaribo is daarom gekozen om een groot ‘isolatie eiland’ in te richten. De voormalige bedrijfsloods van de Kamer van Koophandel en Fabrieken, kortgezegd ‘KKF’, is nu ingericht als isolatiefaciliteit voor mensen die besmet zijn met het coronavirus.

Iedereen met klachten die passen bij het coronavirus kunnen worden ‘geswabd’ door de Regionale Gezondheidsdienst (RGD), ofwel de Surinaamse GGD. Wanneer de test positief blijkt, vertrekt de persoon voor gemiddeld één tot twee weken naar KKF. Na aankomst wordt een intake gedaan waarna de patiënt een eigen cabine krijgt toegewezen met een bed en een stoel. Er is gezamenlijk sanitair, een keuken, wasruimte en een recreatieruimte. De aanwezige verpleegkundigen en artsen houden de gezondheid van de mensen goed in de gaten. Als een iemand zieker wordt, gaat hij naar het corona ziekenhuis in Wanica.

Gezellig

Het klinkt misschien raar, maar in KKF hangt een ontspannen en gezellige sfeer. Mensen luisteren samen muziek of zitten in groepjes te praten. Ze basketballen, kijken televisie en iemand maakt een puzzel van 1000 stukjes. Op het terrein staan een paar grote bomen en een ruime overkapping, die voor schaduw zorgen. Afstand houden is hier minder van belang, waardoor het haast de indruk wekt dat er geen corona is.

foto van een grote hal met open zijwanden, verspreid stoelen en een enkele tafel, achter de hal zijn door de open achterwand twee grote bomen te zien

De royale overkapping met daarachter twee enorme bomen.

foto van een rij van een tiental cabines, met gordijnen als deuren

Er staan meerdere blokken met cabines.

foto van het interieur van een cabine, met een eenvoudig bed en een stoel

Zo ziet de cabine er van binnen uit.

 

14 augustus 2020. Vraag en antwoord

Ilse geeft antwoord op jullie vragen.

Bedankt voor de leuke reacties op de vlog! We werken 6 dagen per week en maken lange dagen. Daarom nu een (korte) blog om een aantal van jullie vragen te beantwoorden.

Naar aanleiding van jouw blog over KKF-isolatie: Hoe doen ze het met isolatie in het binnenland?

In het binnenland wordt niet zo laagdrempelig getest als in de stad. Er zijn tropendokters die naar het binnenland om de verspreiding van het coronavirus daar in kaart te brengen. Mensen krijgen het advies voor thuisisolatie. Isolatie in KKF vanuit het binnenland is nooit gebeurd. Alleen patiënten die echt ziek en zuurstofbehoeftig zijn gaan naar de stad.

Hoe doe je het met persoonlijke beschermingsmiddelen in een altijd hete omgeving, ook drie uur in een pak of aangepast?

De verpleegkundigen werken hier ook drie à vier uur achter elkaar met persoonlijke beschermingsmiddelen. In een tropische omgeving is dit inderdaad heel erg zwaar. Mensen zijn gewend om, nadat ze de beschermingsmiddelen hebben uitgetrokken, te douchen. Of op z’n Surinaams gezegd ‘te baden’.

Herken je veel in de manier van werken zoals we hier testen?

Het Bureau Openbare Gezondheidszorg (BOG) is in Suriname verantwoordelijk voor het testen zoals we dat ook bij de GGD doen. Er zijn diverse teststraten geopend waar mensen zonder afspraak naar toe kunnen komen. Het is in grote lijnen vergelijkbaar met de situatie in Nederland, al heb je wel te maken met de beperkingen van een derdewereldland.

Wat zijn volgens jou de grootste verschillen tussen Nederland en Suriname wat betreft de coronabestrijding?

Als ik kijk naar de coronapreventie vallen mij twee zaken op. Het eerste is verschil in isolatiebeleid, zie de derde blog. Het tweede verschil is het dragen van mondneusmaskers in het openbare leven. Hier kom ik op terug in de volgende blog.

Wat kunnen wij in Nederland leren van de aanpak in Suriname? Welke lessen en inzichten neem je voor ons mee terug?

Dit is echt iets om goed over na te denken. Ik houd jullie nog even in spanning en ga hier in de laatste blog iets over schrijven.

foto van Ilse met twee collega's, helemaal ingepakt in beschermingsmiddelen, in de gang van een medisch centrum

Ilse met collega's in persoonlijke beschermingsmiddelen.

Lange rij auto's in Surinaams straatbeeld met palmen, electriciteitsleidingen en erboven een wolkenlucht

Rij auto's voor de teststraat.

 

18 augustus 2020. Maskeretiquette

Ilse vertelt over haar ervaringen met het mondneusmasker.

Het mondneusmasker. Ook wel bekend als mondneuskap, mondneusbedekking of kort gezegd: masker. In Suriname verplicht om te dragen buiten je eigen erf. Het voelt als een tweede natuur en is een vast onderdeel van je dagelijkse outfit. En het voelt zo veilig: het verbergen van je luchtwegen om anderen te beschermen.

Regels

Voor een optimale bescherming is het dragen van een mondneusmasker wel gebonden aan een aantal regels. Ik noem het de maskeretiquette. Zoals: raak de voorkant van je masker niet aan, en gooi het masker na gebruik in de afvalton en pas daarna de handhygiëne toe. De richtlijnen van het RIVM leggen uit hoe je een mondmasker goed kunt gebruiken. De regels lijken zo duidelijk, maar toch is het dragen van een mondneusmasker in het openbare leven best wel ingewikkeld. Zelfs voor een deskundige infectiepreventie.

Eten en drinken

In een tropische omgeving is het masker erg wam en benauwd. Bij brildragende mensen beslaat de bril bij iedere afwisseling tussen airco en tropische buitenlucht. En wanneer eet en drink je? Zeker als je de hele dag weg van huis bent en met veel mensen dicht bij elkaar werkt is dit een reële vraag. Ik ben gemiddeld 8-10 uur per dag van huis, mét het masker. Eten en drinken probeer ik in te plannen op momenten dat afstand houden makkelijker is. Dit valt niet altijd mee. Tijdens een vergadering is het ongepast, tijdens het geven van een les onmogelijk, tussendoor begeef je je in een taxi of het drukke stadsleven in Paramaribo en de rustplaatsen in de schaduw zijn beperkt. En het masker steeds wisselen voor een nieuwe? Dat is een uitdaging.

Communicatie

Het dragen van een masker geeft ook beperkingen bij communiceren. Stemmen hoor je minder luid en liplezen is er niet bij. Hierdoor ben je sneller geneigd dichtbij elkaar te zitten en de afstand van 1,5 meter te vergeten.

Lipstick

Verder heb je natuurlijk het fasionable issue nog. Laten we eerlijk zijn: het dragen van een masker is nu niet echt een item wat een esthetisch gezien een meerwaarde heeft. En lipstick? Complete out of fashion.

Soms lijkt het masker een goed preventiemiddel om in te zetten op plaatsen waar veel mensen samen zijn. Bij het dragen van een masker, hoort echter een maskeretiquette. Het één kan niet zonder het ander. Het opvolgen van de etiquette blijkt in het openbare leven lastig en het bewijs dat het dragen van niet-medische maskers besmettingen voorkomt is klein. Het kan een meerwaarde hebben in ruimtes waar veel mensen dicht op elkaar zijn, zoals in het openbaar vervoer. Maar in alle andere gevallen is het houden van 1,5 meter afstand beter. Hoe je dat doet in grote steden als Paramaribo is de vraag, maar in Twente moet dat wel lukken, toch?!

foto van Ilse pratend met 2 mannen in een bushalte die hun mondkapje niet, of maar half ophebben

Ik kon het niet laten... Bij het wachten op de taxi leg ik uit dat mensen twee armlengtes uit elkaar moeten zitten en hun masker op de juiste manier moeten dragen.

foto van Ilse en een collega aan de lunch. Ilse heeft haar mondkapje om haar arm zitten.

We vonden een rustig plekje om te eten. Toch betrap ik mij op het mondneusmasker aan de elleboog, want dat is niet de juiste manier om het masker te gebruiken natuurlijk.

 

20 augustus 2020. Ready

Het zit erop. Drie weken Suriname.

Met een voldaan gevoel stap ik het vliegtuig in. Wat een fantastische ervaring en wat een bijzondere samenwerking binnen het Nederlandse COVID-team! In het bijzonder dank ik Liesbeth Boeijen, Alma Tostmann, Roos van Broekhuizen en Monique Bonn, voor het werk waarin we samen optrokken.

Resultaat

Het resultaat? Alle zeven ziekenhuizen van Suriname zijn voorzien van advies over infectiepreventie bij het coronavirus. 22 landelijke protocollen zijn geschreven voor ziekenhuizen, ambulance, huisartsen, bejaardentehuizen en thuiszorg. Tientallen zorgmedewerkers zijn getraind over het juiste gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en hebben hierover een serie instructiefilmpjes gemaakt in samenwerking met de PAHO/WHO. Ik heb zo veel mooie mensen ontmoet die zich met hart en ziel inzetten om het coronavirus te bestrijden. En dan heb ik het alleen nog maar over infectiepreventie. De artsen hebben mooie resultaten geboekt bij medische zorg bij het coronavirus en de verpleegkundigen bij de verpleegkundige zorg.

En zo gaat het Nederlandse COVID-team door. Dag in dag uit. De achterblijvers en nieuwkomers wens ik veel succes! Succes Kathleen, Miquel, Aretha, Ed, Lycke, Mariska, Nancy, Roberta, Joshie, Ashna, Danielle, Gertrude, Astrid, Adley, Laura, Kim, Ryan, Sushil, Bram, Kees, Julie, Carla, Charissa, Jan, Adam en Lidwien!

Quarantaine

En ik? Ik ga in quarantaine. En heb alle tijd om de volgende blog voor te bereiden.

foto van Ilse, haar opvolger Laura en nog een collega

We geven het estafettestokje over aan Laura. Laura is ook deskundige infectiepreventie.

Ilse en collega's in de vertrekhal van het vliegveld

Ik vertrek tegelijk met Alma, Liesbeth, Fransje en Efraim.

 

26 augustus 2020. Ilse blikt terug

Suriname is een ‘oranje’ land. Dit betekent dat Suriname door Nederland wordt gezien als een risicogebied voor de verspreiding van het coronavirus. Terugkerende reizigers moeten eerst 10 dagen in quarantaine, voordat zij zich weer vrij mogen bewegen in de samenleving. Voor mij alle tijd om terug te blikken op een aantal goede weken in Suriname. Wat heb ik geleerd en wat neem ik mee terug naar de GGD? In vijf lessen vertel ik je erover.

1. Schrijven over je werk

De grootste uitdaging begon al voor vertrek. Ik kreeg de vraag om een blog te schrijven over mijn ervaringen in Suriname. Nou, dat is gelukt. Een serie van 8 blogs en 1 vlog. En wat is het leuk om te doen! Bedankt ook voor al jullie positieve reacties, dat motiveert zeker om dit vaker te doen!

2. Infectiepreventie is overal hetzelfde

Eerder zei ik het al. Infectiepreventie kun je over al doen. De voorzieningen om infectiepreventie mogelijk te maken, verschillen wel van de voorzieningen in Nederland (zie fotoverslagje onder deze blog). Dit vraagt om een andere vertaalslag van infectiepreventie naar de praktijk. In Suriname zijn veel ‘problemen’ ondervangen door de Surinaamse deskundigen infectiepreventie. Door deze oplossingen te bundelen met de Nederlandse kennis over het coronavirus, bleek maar weer dat infectiepreventie in de basis overal gelijk is. En het hoeft niet ingewikkeld of duur te zijn, als het maar werkt!

3. Werken in een multidisciplinair team

Het Nederlandse COVID team in Suriname bestaat steeds uit 10 tot 15 collega’s. In Nederland werken we als IC-verpleegkundige, infectioloog, internist, intensivist, epidemioloog, tropenarts, analist of deskundige infectiepreventie. In Nederland werken we allemaal bij een andere werkgever. In het ziekenhuis, op het laboratorium, in het verpleeghuis of bij de GGD. En opeens waren wij daar met elkaar. Ieder met een andere taak, maar toch hadden we één gezamenlijk doel: hulp bieden bij de bestrijding van het coronavirus. Dit zorgde voor een bijzondere chemie in de groep en een prachtige samenwerking. Dit zouden we in Nederland ook vaker moeten doen!

4. Een pandemie kun je niet in je eentje bestrijden

Suriname loopt nu tegen dezelfde uitdagingen aan als Nederland, zoals: méér testen, méér bron- en contactonderzoek en het stoppen van de normale zorg. Ik maakte deze fase dus ook mee in een ander land dan Nederland. Daardoor kreeg de term ‘pandemie’ ook echt een wereldwijde lading. Om deze pandemie te kunnen bestrijden, zijn we ook afhankelijk van andere landen. Ook van landen die minder geld en middelen hebben om het virus te bestrijden. Infectieziekten stoppen niet bij de grens. Infectieziekten vragen om een wereldwijde aanpak die nationaal én regionaal goed wordt uitgevoerd.

5. Zorgmedewerkers

Ik heb gemerkt dat er zoveel zorgmedewerkers zijn die zich met hart en ziel inzetten tegen het coronavirus. Of het nu is als bron- en contactonderzoeker bij GGD Twente, als intensivist bij het ZGT, als verpleegkundige bij Livio, als analist bij LabMicTA, als deskundige infectiepreventie in het Academisch Ziekenhuis Paramaribo, als schoonmaker in Regionaal Ziekenhuis Wanica, als tropenarts in de Surinaamse jungle, of waar ook ter wereld. En we hebben allemaal hetzelfde doel.

Als laatste een dankwoord aan mijn fantastische collega’s bij de GGD! Jullie stelden mij in de gelegenheid om een aantal weken naar Suriname te gaan. Jullie enthousiasme en support is echt hartverwarmend.

Infectiepreventie begint en eindigt met handen wassen. Ook in Suriname. Al gaat het daar soms wat anders dan in Nederland, kijk maar mee:

foto van eenvoudige wastafel met een handpompje zeep, papieren handdoekjes, aanwijzingen hoe de handen te wassen en een afsluitbare afvalemmer

Bij de spoedeisende hulp van een ziekenhuis. Alle benodigdheden voor handen wassen zijn aanwezig.

foto van wastafel met diverse zeep- en schoonmaakmaiddelen, papieren handdoeken, aanwijzingen hoe de handen te wassen en een spiegel

Je kunt hier goed handen wassen. En meer...

Wastafel met A-viertje met tekst KRAAN DEFECT!!! KAPOT!!! A BROKO!!!

Hier wordt handhygiëne wel een beetje lastig.

Wastafel met lege zeephouder en lege houder voor papieren handdoeken en aanwijzingen hoe de handen te wassen

Deze is al lastiger... wie vult ook al weer de zeep en de handdoekjes bij?

Tips van Ilse